Blog

De SROI van je gemeente zegt niets over de maatschappelijke waarde van dit Sportpark

Door Natasja Heijink

Maatschappelijke waarde van een sportpark onderbouwen: een overleg bij een leeg presentatiebord, met uitzicht op een druk gebruikt park

De maatschappelijke opbrengsten van sport en bewegen in Nederland zijn 2,76 keer zo hoog als de kosten, en er bestaat een lokale variant van dat cijfer per gemeente (Kenniscentrum Sport & Bewegen, 2024, op basis van cijfers uit 2022). Dat getal duikt op in vrijwel elk raadsvoorstel over sport. En het is precies het verkeerde instrument voor de vraag die dan voorligt.

Wat SROI wel en niet is

De methode brengt alle jaarlijkse maatschappelijke kosten en opbrengsten in kaart en weegt die tegen elkaar af. Het is een stand van zaken, geen toets over de verwachte opbrengsten van een specifieke interventie. Een maatschappelijke kosten-batenanalyse doet dat wel: die vergelijkt hoe de wereld zich met en zonder de ingreep ontwikkelt (Rebel en Mulier Instituut).

Daar zit het probleem. De SROI zegt iets over sport in je gemeente als geheel. Het zegt niets over de vraag of je beter in dit sportpark of in die sporthal kunt investeren, en ook niet in welke wijk een nieuwe voorziening het meeste oplevert.

Twee dingen om bij te vermelden als je het cijfer toch gebruikt. De infographics zijn gebaseerd op data uit 2022. Op de officiële SROI-pagina werd vermeld dat een actualisatie van de methode voor medio 2026 werd voorzien; op peildatum 29-08-2026 is daar nog geen geactualiseerde versie van gepubliceerd. In 2026 publiceerde het Mulier Instituut wel een verkenning naar de maatschappelijke waarde van sportaccommodaties, als actuele context voor locatiegebonden maatschappelijke waarde.

Waarom een raad er doorheen prikt

Sport is een bovenwettelijke taak. Gemeenten moeten binnen het beschikbare budget eerst de wettelijke taken bekostigen, waardoor die voorrang krijgen op investeringen in sport. Een raadslid dat moet kiezen tussen jeugdzorg en een sportpark, heeft aan een landelijk kengetal niets.

Wat wel navolgbaar is

Drie soorten onderbouwing houden stand in een raadsvergadering. Wie er nu komt en wie niet, met feitelijke gebruiksgegevens. Wat er verandert als de voorziening verdwijnt of verplaatst, uitgedrukt in reisafstand en bereikbaarheid voor specifieke groepen. En welke functies er op dit park landen die elders in de wijk niet bestaan.

Dat zijn geen bedragen, en dat is de kracht ervan. Ze zijn controleerbaar, en niemand kan de rekenmethode ter discussie stellen.

Wat een getal moet oplossen

Wij komen op sportparken waar de maatschappelijke onderbouwing bestaat uit één samengesteld cijfer en verder niets. Bij de eerste kritische vraag in de commissie valt die onderbouwing om, en daarmee het hele voorstel. Dat is zelden iemands fout. Een landelijk kengetal is gratis beschikbaar en direct bruikbaar, terwijl lokale gebruiksgegevens verzameld moeten worden en niemand daar budget voor heeft aangevraagd.

Wij beginnen daarom bij wat er feitelijk gebeurt op de locatie: wie er komt, op welke momenten, en welke groepen er niet zijn. Dat levert een onderbouwing op die je kunt navertellen, en die is bestuurlijk sterker dan een verhouding met twee decimalen.

Sta je voor een investeringsbesluit waarbij de maatschappelijke waarde moet worden onderbouwd? Wij van Sportgrond brengen dat in beeld op een manier die een raad kan volgen.

Maatschappelijke waarde ontstaat niet vanzelf, ook niet bij een vol Sportpark

Lees meer over onze aanpak

Neem contact op